TERUG
Kerkgebouw
Belgische kerkkunst vergt Nederlands inzicht
Org.Nederland
Belgische kerkkunst vergt Nederlands inzicht
In de oudste romaanse kerk in BelgiŽ dook een messing voorwerp op. Een komfoor, luidt de officiŽle lezing. Is het dat? En wat doet het sterfjaar van Luther in de rand? De Belgen wisten er geen raad mee en informeerden in Nederland.


Kunsthistoricus Marco Blokhuis schijnt met licht op de onderkant van de lezenaar in de Sint Jan in Gouda.GELOOF
Kunsthistoricus Marco Blokhuis schijnt met licht op de onderkant van de lezenaar in de Sint Jan in Gouda. | beeld Jeroen Jumelet en nd
Utrecht–Leuven

Zaterdag verschijnt de Handleiding voor het opstellen van een kerkinventaris voor Protestantse Kerken in Nederland en Vlaanderen. Dat is het resultaat van de samenwerking tussen Museum Catharijneconvent in Utrecht en het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur in Leuven. De Belgen hebben de rooms-katholieke erfenis goed in beeld. Maar dat ook de protestantse kerken een schat aan erfgoed bewaren, is een relatief nieuw inzicht. De Nederlandse kunsthistoricus Marco Blokhuis trekt al zijn hele leven langs kerken, om te inventariseren welke waardevolle voorwerpen ze bezitten. Met zijn werk helpt hij nu ook de Belgen.

Het gaat bij kerkelijk erfgoed niet per se om mooie dingen, zegt Blokhuis. ‘En wat is mooi? Een preekstoel in een Wederopbouwkerk hoef je niet mooi te vinden, maar hoort helemaal bij het gebouw en is daarmee typisch voor die tijd. Dus de moeite waard om te registreren.’ In de Sint Jan in Gouda wijst hij op de theaterachtige opstelling van de kerkbanken rond de preekstoel. Het is een zeldzame manier om een grote gotische kerk geschikt te maken voor een protestantse eredienst. Erfgoed dus. 

Blokhuis pakt zijn mobiele telefoon, zet de zaklamp aan en kruipt onder de lezenaar: het koperen leesblad blijkt aan de onderkant voorzien van een wapen. ‘Dus speciaal gemaakt voor de Sint Jan’, zegt Blokhuis. ‘Zeventiende-eeuws.’

van waarde

Zo’n enorme, oude kerk herbergt een weelde aan erfgoed. Maar wat moet de gemiddelde gereformeerde kerkenraad met de Handleiding die zaterdag gelanceerd wordt? Kan een kerkrentmeester of een lid van de commissie van beheer met deze Handleiding bepalen wat van waarde is en wat niet? En hoe bepaal je dat? 

‘Je moet inderdaad leren ergens doorheen te kijken’, reageert Blokhuis. ‘Jij pakt de avondmaalsbeker aan en je drinkt eruit. En je ziet niet dat je een waardevol stuk in handen hebt dat door de architect van de kerk is geschonken, want je bent met heel andere dingen bezig.’ 

Het is voor de gemiddelde kerkbeheerder best lastig om te bepalen wat van waarde is en wat niet, erkent Blokhuis. ‘Dat vereist veel kennis. Het belangrijkste is dat er geïnventariseerd en gefotografeerd wordt wat er is. En dat kunnen kerkbeheerders best zelf. Soms verdwijnen er kerken, en als je dan geen foto’s meer hebt, is alles weg. Het avondmaalsstel, de antipendia, het doopvont en de standaard van de paaskaars blijven vaak wel bewaard of ze verhuizen mee. Maar voor de rest geldt: “en zelfs haar eigen plaats kent haar niet meer”. Als wij dan nog een rapport blijken te hebben over zo’n verdwenen kerk, is dat vaak een emotionele ondersteuning voor mensen.’

beschrijven

Blokhuis is specialist protestants kerkelijk erfgoed bij Museum Catharijneconvent, dat de taken van de voormalige Stichting Kerkelijk Kunstbezit heeft overgenomen. Zoals de katholieken gedetailleerde beschrijvingen maakten van alle voorkomende onderdelen van een altaar of een miskelk, zo beschreef Blokhuis alle onderdelen van een preekstoel, een statenbijbel of het orgel. ‘Als iemand niet precies weet hoe hij een voorwerp noemen moet, ontstaan er misverstanden. Door eenheid te brengen in de terminologie weten we zeker dat we het over hetzelfde hebben. Als ik in onze database op ‘preekstoel’ zoek, vind ik bijvoorbeeld maar duizend van de twee­duizend exemplaren, omdat de andere duizend ‘kansels’ genoemd worden. 

Maar zelfs als alles volgens de regels van de kunst gebeurt, staat Blokhuis nog weleens voor een raadsel. De oudste romaanse kerk van Vlaanderen, de Sint Jacob in Gent, bezit een voorwerp dat in eerste instantie werd beschreven als een wierookbrander. Ze gingen ook bij hem te rade, maar zoiets had hij niet eerder gezien. Nu wordt het beschreven als een ‘komfoor’, een stoof waarin brandende kolen konden, om de voeten te warmen tijdens koude diensten. Maar is het dat? Fascinerend zijn de tekst in de rand van het messing voorwerp én het jaartal. ‘1546’, zegt Blokhuis, en hij wacht even. ‘Het sterfjaar van Luther!’ De Latijnse tekst luidt: VERBVM DOMINI MANET IN AETERNVM E IIII C 1546 IAR. ‘Ook al een tekst die bij protestanten past’, zegt Blokhuis: ‘Het Woord van God houdt eeuwig stand. Is dit nou protestants of katholiek erfgoed? Een lutherreliek? Een herdenkingsstuk? We zijn er nog niet uit.’ <



bron: Ned. Dagblad uitgave: 13 febr 2017
bericht nr. 18493 :  geplaatst op 13-02-2017 en 29 maal gelezen


Geen gerelateerde berichten
Opties
Deel dit bericht met uw vrienden op sociale media

    Facebook   Bericht afdrukken  Bericht afdrukken